Menstruatie: de start van de cyclus

U kunt elke maand op bepaalde dagen van uw cyclus zwanger worden. Uw cyclus begint op de eerst dag dat u bloed uit uw vagina verliest. Dit bloeden heet menstruatie.

Uw cyclus duurt ongeveer 28 dagen.

  • Sommige vrouwen hebben een korte cyclus, andere een langere. 
  • Een cyclus duurt 25 tot 35 dagen. 
  • Sommige vrouwen hebben een onregelmatige cyclus. Zij hebben de ene keer een korte cyclus, de andere keer een langere.
  • Bij sommige vrouwen verandert de duur van de cyclus in de loop van hun leven. Tijdens de puberteit is de cyclus meestal onregelmatiger. 
Vrouw rechtopstaand. De focus ligt op de inwendige geslachtsdelen.
Vrouw rechtopstaand. De focus ligt op de inwendige geslachtsdelen.
Menstruatie: begin van de cyclus
Menstruatie: begin van de cyclus

Eisprong

Ongeveer 14 dagen voor de start van uw volgende cyclus, vindt de eisprong plaats. De eicel verlaat dan de eierstok

Na de eisprong gaat de eicel via de eileider naar de baarmoeder. Ongeveer 4 tot 5 dagen na de eisprong komt de eicel in de baarmoeder aan. De baarmoeder maakt zich klaar voor de innesteling van de eicel. 

Eisprong: een rijpe eicel verlaat de eierstok.
Eisprong: een rijpe eicel verlaat de eierstok.
De rijpe eicel gaat via de eileider naar de baarmoeder.
De rijpe eicel gaat via de eileider naar de baarmoeder.

Bevruchting van een eicel

U kunt zwanger worden als een zaadcel de eicel bevrucht. Dit gebeurt meestal via geslachtsgemeenschap met een man. Als een man een zaadlozing heeft, komen er zaadcellen vrij in uw vagina. U wordt zwanger als: 

  • Een zaadcel de eicel binnendringt en bevrucht, en
  • de bevruchte eicel zich kan innestelen in het slijmvlies van de baarmoeder en daar begint te groeien.

Voor de zaadlozing kan een man al een beetje vocht verliezen dat soms zaadcellen bevat. De penis terugtrekken voordat de man een zaadlozing krijgt, is daarom een minder betrouwbare anticonceptiemethode.

Als u zwanger bent, heeft u geen menstruatie. Maar sommige vrouwen kunnen een beetje bloed verliezen in de eerste maanden van de zwangerschap.

U kunt ongeveer 6 dagen per maand zwanger worden. De eicel blijft 1 dag in leven, een zaadcel tot 5 dagen. Ongeveer 5 dagen voor en 1 dag na de eisprong bent u vruchtbaar. De daaropvolgende dagen bent u onvruchtbaar, tot aan de dagen voor uw volgende eisprong. 

Een man ejaculeert in de vagina van de vrouw. De zaadcellen zwemmen naar de rijpe eicel.
Een man ejaculeert in de vagina van de vrouw. De zaadcellen zwemmen naar de rijpe eicel.
Bevruchting: een zaadcel dringt de eicel binnen. De eicel wordt bevrucht.
Bevruchting: een zaadcel dringt de eicel binnen. De eicel wordt bevrucht.
Innesteling van de eicel in het slijmvlies van de baarmoeder.
Innesteling van de eicel in het slijmvlies van de baarmoeder.

Menstruatie: niet zwanger

Als de eicel niet bevrucht is, stoot de baarmoeder het eitje en het slijmvlies uit. U menstrueert; u verliest bloed uit uw vagina. De menstruatie duurt 3 tot 7 dagen. Op dat moment start een nieuwe cyclus.

Menstruatie: de eicel is niet bevrucht. Een nieuwe cyclus begint.

Anticonceptie

Gebruik anticonceptie als u nu geen kinderwens heeft. 

Menstrual period: start of the cycle

You can get pregnant each month on particular days of your cycle. Your cycle starts on the first day you lose blood through your vagina. This is called the menstrual period.

Your cycle lasts about 28 days.

  • Some women have a shorter cycle and others a longer one.
  • The cycle lasts between 25 and 35 days.
  • Some women have an irregular cycle. Every month, their cycle differs in length.
  • The length of a woman’s cycle can change during her lifetime. During puberty, the cycle is often more irregular.
Woman standing. The focus is on the internal sexual organs.
Woman standing. The focus is on the internal sexual organs.
Menstrual period: start of the cycle
Menstrual period: start of the cycle

Ovulation

About 14 days before the start of your next cycle, ovulation takes place. This is when the egg cell leaves the ovary.

After ovulation, the egg cell is transported to the uterus via the fallopian tube. About 4 to 5 days after ovulation, the egg cell arrives in the uterus. The uterus gets ready for implantation of the egg cell.

Ovulation: a ripe egg cell leaves the ovary
Ovulation: a ripe egg cell leaves the ovary
Transportation of the ripe egg cell to the uterus via the fallopian tube
Transportation of the ripe egg cell to the uterus via the fallopian tube

Fertilisation of an egg cell

You can get pregnant if a sperm cell fertilises the egg cell. This mostly happens through sexual intercourse with a man. When a man ejaculates, sperm cells enter your vagina. You get pregnant if:

  • One sperm cell enters the egg cell and fertilises it, and;
  • the fertilised egg cell is able to implant in the mucous membrane of the uterus and start to grow there.

Before he ejaculates, a man may already lose a bit of fluid that might contain sperm cells. Withdrawing the penis before a man ejaculates is therefore a less reliable method of contraception.

If you are pregnant, you do not have menstrual periods. However, some women may lose some blood in the first months of pregnancy.

You can get pregnant around 6 days each month. The egg cell lives for 1 day and a sperm cell lives for 5 days. You are fertile for about 5 days before ovulation and 1 day after ovulation. In the following days, up to the days before your next ovulation, you are not fertile.

A man ejaculates inside the woman’s vagina. The sperm cells swim towards the ripe egg cell.
A man ejaculates inside the woman’s vagina. The sperm cells swim towards the ripe egg cell.
Fertilisation: one sperm cell enters the egg cell and fertilizes it.
Fertilisation: one sperm cell enters the egg cell and fertilizes it.
Implantation of the fertilised egg cell in the mucous membrane of the uterus
Implantation of the fertilised egg cell in the mucous membrane of the uterus

Menstrual period: not pregnant

If the egg is not fertilised, the uterus will expel the egg and the mucous membrane. You have your menstrual period: blood leaves your body through your vagina. The menstrual period lasts 3 to 7 days. A new cycle starts at that moment.

Menstrual period: the egg is not fertilised. A new cycle starts.

Contraception

If you do not have a wish to have children at the moment, use contraception.

Meer informatie of hulp nodig?

Huisarts
U kunt met een huisarts over elk intiem onderwerp praten. Als het nodig is, kan de huisarts u naar een gespecialiseerde zorgverlener doorverwijzen. Vluchtelingen met een (voorlopige) verblijfsstatus kiezen een huisarts in hun gemeente. Asielzoekers in een COA locatie kunnen terecht bij een huisarts op de locatie.
Meer zorgverleners

Woordenboek en vertalingen