Het is op de eerste plaats van belang dat mensen begrijpen waarom dit onderwerp met hun besproken wordt. Leg dus uit waarom het bespreken van seksuele gezondheid belangrijk is. Praten over seksuele gezondheid vraagt om een veilige omgeving waarin mensen in alle openheid kunnen spreken en zich gerespecteerd voelen. Spreek mensen aan op een positieve manier en als individu, los van herkomst. Iedereen is anders, iedereen heeft een eigen achtergrond en context en iedereen heeft eigen normen en waarden meegekregen. Door de indruk te wekken dat je weet hoe de cultuur van je cliënt is, kan iemand zich gestigmatiseerd voelen. Een valkuil daarbij is ook dat je als hulpverlener vanuit een wij/zij tegenstelling naar je cliënt kijkt. Dit maakt echt contact en het opbouwen van een vertrouwensrelatie moeilijk. Vraag aan deelnemers hoe het is in hun thuisland en wat ze al weten over het onderwerp.
Factoren zoals gender, identiteit, leeftijd, sociaaleconomische status en opleidingsniveau spelen ook mee en vragen van jou een open benadering. In gezinnen met een migratieachtergrond kan een vader of moeder andere denkbeelden hebben of keuzes maken dan een dochter of zoon. Vraag naar ieders mening en perspectief.
Geef mensen voorafgaand aan een gesprek de keuze voor een voorlichter, zorgverlener en/of tolk van hetzelfde geslacht. Zeker als het gaat om een consult over anticonceptie of begeleiding bij een zwangerschap. Dit vermindert gevoelens van schaamte.
- Wees je bewust van je eigen waarden en normen over seksualiteit en seksueel gedrag. Iedereen heeft een eigen cultuur, normen en waarden. Deze zijn deels ook afhankelijk van welke opvoeding je hebt gehad. Vermijd zinnen zoals: ‘ik weet dat het bij jullie (cultuur) zo en zo zit.’ Vraag in plaats daarvan naar hoe zij tegen iets aankijken of naar wat zij hebben meegekregen over een onderwerp.
- Stel je open en nieuwsgierig op naar je cliënt. Het is goed om je te verdiepen in andere culturen, maar vermijd stereotype denkbeelden. Ook binnen migrantengroepen zijn de individuele verschillen soms groot.
- Leg uit wat jouw rol is. Vertel wat de cliënt van jou kan verwachten en wat niet. Benadruk ook de privacy van de cliënt en je beroepsgeheim voordat je begint met voorlichting.
- Begin zelf over seksualiteit of seksuele gezondheid. De meeste mensen beginnen daar niet uit zichzelf over, maar stellen het op prijs dat de hulpverlener erover begint. Wees niet bang dat het onderwerp te persoonlijk of intiem is. Huisvesting, vriendschap, vrijetijdsbesteding en toekomstplannen kunnen bijvoorbeeld aangrijpingspunten zijn om het gesprek op seksuele gezondheid te brengen. Geef aan dat wanneer je dit gesprek begint dat je snapt dat het een gevoelig onderwerp kan zijn. Toon begrip en respect voor de normen en waarden van de ander. Het kan hier goed zijn om te beginnen met een uitleg over het menselijk lichaam omdat niet iedereen daar kennis over heeft.
- Kies een positieve insteek. Benoem bijvoorbeeld de verantwoordelijkheid, zelfredzaamheid of vrijheid van een cliënt.
- Leg uit wat waarom je vragen stelt over seksualiteit. Vertel dat jij informatie kunt geven die nuttig kan zijn voor je cliënt, en dat je cliënt vragen kan stellen. Vraag wel of je iemand informatie mag geven voordat je dit doet.
- Luister aandachtig. Luisteren en relevante informatie ophalen is het belangrijkste, je hoeft niet meteen informatie of een oplossing te bieden. Vaak is het voor de cliënt vooral fijn dat iemand luistert. Neem serieus wat een cliënt deelt.
- Respecteer de grenzen en privacy van de cliënt. Laat weten dat de cliënt mag kiezen of ze of geen antwoord willen geven op de vragen. Benadruk je beroepsgeheim.
- Nodig de cliënt uit om vragen te stellen. Maak duidelijk dat de cliënt bij jou terecht kan met alle vragen over seksuele problemen, seksuele gevoelens of seksueel gedrag. Ga in op wat voor je cliënt belangrijk is om te bespreken.
- Veroordeel nooit. Laat niet merken wat je vindt van de keuzes van een cliënt, ook al zou je ze zelf niet maken. Een uitspraak over seks kan snel beschuldigend of kwetsend over komen.
- Focus op je cliënt, ook als er een ouder of partner bij is. De aanwezigheid van een ouder of partner kan voor spanning zorgen in het gesprek. Geef erkenning aan de derde persoon en laat deze persoon deelnemen aan het gesprek, maar richt je steeds weer tot de cliënt. Geef de informatie die je aan de cliënt wilt geven, of zeg later in het gesprek dat je nog even alleen met bijvoorbeeld de zoon, dochter of echtgenote wilt spreken.
- Laat de cliënt het gesprek evalueren. Vraag of de cliënt het gesprek kan samenvatten en wat het belangrijkste uit het gesprek was. Je weet dan of de cliënt het begrepen heeft en of het gesprek waardevol was. Richt je ook bij aanwezigheid van een partner of ouder tot de cliënt met de vraag: ‘Wat vind jij nu?’, ‘Hoe voel jij je nu?’, ‘Heb je nog vragen?’.
- Neem de tijd die nodig is. Meestal heb je tijd en meerdere gesprekken nodig om een vertrouwensrelatie op te bouwen en iemand verder te helpen. Het is hierbij belangrijk dat mensen zich op hun gemak voelen, daarbij kan gepaste humor en gezelligheid helpen. Vraag aan het eind of ze behoefte hebben aan meer voorlichting over het onderwerp.
Kijk verder voor tips op onze website www.seksindepraktijk.nl .